De ontdekking van het Hart

Het niets dat alles is (15)

De ontdekking van het Hart

Een deel van mijn leven ben ik op zoek geweest naar wat ik, toen ik jong was, ‘het wezenlijke’ noemde. Rond mijn 30ste ervoer ik een ‘glimp’ van mijn Hart en wist onmiddellijk dat dit was wat ik zocht.

Door: Eddy Karrenbelt | Foto: Pixabay

Het gedichtje dat ik schreef, zo rond mijn 15de levensjaar, wat uitdrukking was van mijn zoektocht naar het wezenlijke, gaat als volgt:

werkelijk leven
in het diepste van mijn wezen
de afstand is zo groot
zelden kom ik dichterbij
waar ik sta
is het stil

Mijn ervaren van een ‘glimp’ van mijn hart leidde tot onderstaand lied:

Je opende mijn hart

je opende mijn hart
bevrijdde mijn verdriet
je temperde mijn lust
‘t volstaat dat jij mijn lippen kust

je toonde wat ik zocht
eindeloos zoeken zou
nu is het stil
ik ben even waar ik zijn wil

als de stroom in mij komt
ik als verstomd
voel ik besta
langzaam tot je doordring
misschien even bij je kom
je wezenlijk ervaar

ik weet niet waar het licht is
mijn zoeken gaat gestaag
…..

ik hoef zo nodig niet vandaag
ook niet morgen al
een antwoord op mijn vraag

als de stroom in mij komt
ik als verstomd
voel dat ik sta
tussen hemel en aarde in
stilaan bij het einde
of net aan het begin

ik weet niet waar het licht is
mijn stappen zet ik traag
…..

straks blijkt het zoeken al die tijd
zonder ooit te vinden
een antwoord op mijn vraag

je opende mijn hart
bevrijdde mijn verdriet
je temperde mijn lust
‘t volstaat dat je mijn lippen kust

je toonde wat ik zocht
eindeloos zoeken zou
nu is het stil
ik ben even ….. waar ik zijn wil

Een groot verschil tussen de beide stiltes die ik ervoer.

In het liedje klinkt de zin: ‘Straks blijkt het zoeken al die tijd, zonder ooit te vinden, een antwoord op mijn vraag’.
Naar wie Je Bent hoef je niet te zoeken.

Ramana zei daarover: ‘Stilte is het enige dat nodig is. Als ondergrond van de onophoudelijke stroom van wisselende gedachten blijk je een woordloos, stralend iets in het Hart aan te treffen’, een onafgebroken besef ‘Ik, Ik’.  
‘God is blijvend aanwezig als de eigen natuur van het Zelf, stralend als ‘Ik’ in het Hart’.‘Als je je eigen ware natuur kent blijkt Zijn: Werkelijkheid, Bewustzijn, Gelukzaligheid, onafgebroken, zonder begin of eind, in het Hart aanwezig te zijn.’

In het Thomas Evangelie, logion 69, staat:
Jezus zei: Gelukkig zijn zij die vervolgd zijn tot in hun hart. Zij die daar zijn, hebben de Vader werkelijk leren kennen. Gelukkig zijn zij die hongerig zijn, de buik van hem die verlangt zal worden verzadigd.

Roemi:
Mohammeds zoektocht naar water, vrede zij met hem, was echter onmetelijk en bestond op dorst op dorst. Zijn gezegende borst werd door de verruiming van ‘hebben wij niet je borst verruimd?’ tot ‘Gods uitgestrekte aarde’.

Shankara:
Het Zelf, de Zon van Besef, die opkomt aan het Hemelgewelf van het Hart, verdrijft werkelijk de duisternis. Als de allesdoordringende ondergrond van alles straalt het en schenkt het licht aan alles.

In mijn tweede column schreef ik het volgende gedicht over ‘Mijn Hart’:

Mijn Hart

mijn hart
ik geef het jou

het is groter
dan mijn handen

groter
dan mijn naam

groter
dan de diepte
van mijn stilstaan

groter
dan waar
ik van weet

groter nog
dan waar
ik van hou

maar het is
net zo groot
zo diep
zo wijs
zo lief
als dat van jou

‘Het Hart’ hoeft niet te worden gegeven.

Ramana zei daarover:
‘Het Hart’ openbaart zich over de hele wereld als één en hetzelfde in alle wezens en ‘Hart’ is er slechts een ander woord voor, want Hij is in alle harten’.
‘Het Hart is het koninkrijk van God. Als je God leert kennen zoals hij werkelijk is, dan zul je ontdekken dat God helemaal niets weet, omdat zijn natuur altijd werkelijk geheel is, waarbuiten niets bestaat wat gekend moet worden’.

Een opname van het liedje is te bekijken en beluisteren op YouTube:

De column is gepubliceerd op ongrond:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.